Aandachtspunten Gezondheidsmonitor 2016

Gemeenten hebben de wettelijke taak te weten hoe de gezondheidstoestand van hun inwoners is en op basis hiervan beleid te ontwikkelen en te evalueren. GGD’en voeren namens de gemeenten deze gezondheidsmonitoring uit. Periodiek worden verschillende leeftijdsgroepen (kinderen, jeugdigen, volwassenen tot 65 jaar en 65-plussers) onderzocht.

Eind 2016 is de groep 19 tot 65-jarigen en de 65-plussers gemonitoord. Er is een steekproef gedaan en de mensen die daarin vielen, zijn uitgenodigd om een vragenlijst in te vullen over hun gezondheid en welbevinden. Alle GGD’en in Nederland voerden dit onderzoek gelijktijdig uit. De onderzoeksgegevens zijn aangevuld met gegevens van het CBS.
De vragenlijsten zijn deels landelijk vastgesteld en deels door GGD’en zelf aangevuld. In Gelderland-Midden is dit met de gemeenten afgestemd om zoveel mogelijk aan te sluiten bij de regionale visie op publieke gezondheid.

Ruim 235.000 Nederlandse volwassenen hebben deelgenomen aan het onderzoek, 6832 van deze respondenten komen uit Gelderland-Midden. De resultaten zijn representatief. Elke gemeente ontvangt voor het einde van 2017 de gemeentelijke rapportage.

Aandachtspunten:
In de regionale visie op publieke gezondheidszorg staan drie belangrijke opgaven centraal:

  • Het verkleinen van sociaaleconomische gezondheidsverschillen;
  • De bevordering van de participatie van mensen met een chronische aandoening;
  • Het borgen van een vangnet voor zeer kwetsbare groepen.
  • In de rapportage van de monitor sluiten we hierop aan. De belangrijkste bevindingen in 2016 zijn: het gaat goed met de gezondheid van de mensen in Gelderland-Midden. We wijken niet af van de landelijke cijfers. En toch zien we op veel fronten wel verschillen tussen groepen mensen.

    Van de mensen met een lage SES:
    Heeft een groter deel overgewicht;
    Rookt een groter deel;
    Sport een minder groot deel (NB: bewegen is gelijk);
    Heeft een groter deel chronische aandoening(en);
    Voelt een minder groot deel zich ‘erbij’ horen;
    Is een groter deel eenzaam.

    Van de mensen met een chronische aandoening:
    Heeft een groter deel risico op angst en depressie;
    Is een groter deel volledig arbeidsongeschikt;
    Sport en beweegt een minder groot deel;
    Doet een even groot deel aan vrijwilligerswerk en mantelzorg.

    In de afgelopen jaren lijkt het percentage mensen met een matig of hoog risico op een angststoornis of depressie licht toegenomen. In 2012 had 40% van de mensen tussen de 19 en 65 jaar een matig of hoog risico, in 2016 is dat 51%. We zien dit ook in een aantal andere regio’s, maar een verklaring hebben we er nog niet voor.

    Veerkracht
    Voor het eerst hebben we de veerkracht in beeld gebracht aan de hand van stellingen die aan de mensen zijn voorgelegd. De stellingen gaan over hoe mensen omgaan met een moeilijke periode, moeilijke situaties en tegenslagen. Veerkracht is een essentiële factor in het concept van de positieve gezondheid. We zien dat de veerkracht afneemt met de leeftijd. En van mensen met een lage SES beschikt een groter deel over ondergemiddelde veerkracht.

    In Gelderland-Midden is veel aandacht besteed aan vragen over de fysieke leefomgeving. Hierbij gaat het zowel om overlast factoren zoals geur- en geluidshinder als om bevorderende factoren, zoals de aanwezigheid van groen in de buurt. Vrijwel alle mensen vinden dit belangrijk, maar meer dan één op de tien mensen vindt dat er niet genoeg groen in de buurt is.

     

    Voeg toe aan selectie