SES van invloed op participatie

Uit de Gezondheidsmonitor 2016 blijkt ook dat de ene aandoening meer beperkingen veroorzaakt dan de andere. Hieronder staat per leeftijdsgroep een top 3 van de meest voorkomende aandoeningen en de aandoeningen die het meest belemmerend zijn.

Chronische aandoeningen

19 tot 64-jarigen                                                                                                  65-plussers

Dit inzicht kan helpen bij bijvoorbeeld de inzet van voorzieningen, die voorkomen dat de aandoening erger wordt of dat mensen uitvallen. Onder mensen met een lage opleiding en/of een laag inkomen (lage Sociaal Economische Status, SES) zijn verhoudingsgewijs meer mensen met een chronische aandoening. Vooral de combinatie van deze drie factoren -laag inkomen, lage opleiding én chronische aandoening- maakt mensen kwetsbaar. Niet alleen voor hun zelfredzaamheid, maar ook als het gaat om eenzaamheid en sociale uitsluiting.

Wat kun je doen aan een lage SES? 
Het antwoord is: eigenlijk niet zoveel. De gemiddelde SES in een gemeente wordt bepaald door de geografische ligging en de historische ontwikkeling. Het verhogen van de sociaaleconomische status kan geen doel op zich worden. Het aanpakken van sociaaleconomische gezondheidsverschillen wél.
Onderwijs en daaraan gekoppeld het terugdringen van schooluitval, zijn belangrijk als je gezondheidsverschillen wilt verkleinen. Houd ook rekening met laaggeletterdheid. Onder de groep laagopgeleiden zijn relatief meer laaggeletterden. Laaggeletterdheid heeft een belangrijke negatieve invloed op het hebben van gezondheidsvaardigheden. En daarmee dus ook op de manier waarop mensen om kunnen gaan met hun chronische aandoening.

Voeg toe aan selectie